Stap 2/5 - groepjes, roosters, schema’s en tijden
De leerlingen gaan in groepjes van 3 allemaal in een eigen volgorde de minispellen af. Daarom is het belangrijk goed bij te houden wie waar op welk moment moet zijn.
Groepjes maken
Verdeel de leerlingen in groepjes van 3.
Jullie kiezen zelf of jullie vrienden bij elkaar doen, of juist niet. Zorg dat dit in alle klassen hetzelfde is, dus niet dat van één klas vrienden bij elkaar zitten, maar in de andere klas juist niet.
Elk groepje krijgt een unieke volgorde waarmee ze de minispellen afgaan. Het doel is dat alle leerlingen worden gemixt.
Kies het aantal minispellen.
Reken 12 tot 20 leerlingen voor 1 minispel.
50 - 80 leerlingen: 4 minispellen
60 - 100 leerlingen: 5 minispellen
70 - 120 leerlingen: 6 minispellen
Voor drukkere groepen is het beter meer minispellen te nemen. Dat beslissen jullie als als school. Neem bij twijfel contact op.
Schema’s printen
In elk lokaal komen schema’s te liggen met welke leerlingen waar op welk moment zijn. Zo kunnen we makkelijk de puntentelling en de absenties bijhouden. Ik loop jullie er stap voor stap doorheen.
Maak een kopie van de toepasselijke spreadsheet
6 minispellen
.xlsx bestand voor 6 minispellen
5 minispellen
spreadsheet voor 5 minispellen
.xlsx bestand voor 5 minispellen
4 minispellen
spreadsheet voor 4 minispellen
.xlsx bestand voor 4 minispellen
Vul bij Groepjes de namen van de leerlingen in. Deze worden automatisch ingevuld bij de minispellen.
Vul op elke pagina de namen van de minispellen en hun lokalen in.
Print de sheets uit, en leg de prints in de gepaste lokalen.
Leg in elk lokaal een rooster met de tijden.
Het eerste minispel duurt langer dan de rest.
Op deze prints houden we de puntentelling en absenties bij.
Absenties
Hou de absenties bij op de roosters.
Als er groepjes zijn, waarvan leerlingen absent zijn, maken jullie hergroeperingen van die groepjes. Dit doen jullie aan het begin van het spel, in de gemeenschappelijke ruimte. Hierover meer bij stap 5 - dag zelf.
Pas dit ofwel handmatig met pen aan in elk lokaal,
Of voer de veranderingen door in de sheets/exel en print deze nogmaals uit.
Coördinator op de gang
Naast (minstens) één docent per minispel, is er ook één coördinator op de gang nodig. De taken van de coördinator zijn:
Zorgen dat het doorstromen gecoördineerd verloopt
10 min en 5 min voor het einde van elke ronde de tijden aangeven in elk lokaal.
Leerlingen mogen niet eerder de gang op: blijven in hun lokaal tot het einde van de rondes.
Zo nodig kan de coördinator in elk lokaal de roosters aanpassen als het rooster uitloopt en juist korter blijkt.